AGH staat voor Artistieke Gym Heren.
In deze discipline turnen de jongens en heren aan 6 toestellen. Daarom spreekt men ook wel over toestelturnen.
De 6 toestellen waarop de turners een oefening uitvoeren zijn:
Vloer (of grond): de oppervlakte waarop de heren hun grondoefening moeten uitvoeren, telt 12 bij 12 meter. De ondergrond bestaat uit een verende vloer waarop allerlei sprongenreeksen geturnd worden, afgewisseld met evenwichtsstanden en acrobatische bewegingen. De gymnast krijgt maximaal 70 seconden om zijn oefening af te werken. Bedoeling is om in die tijdspanne een gevarieerde oefening te brengen waarin hij zijn 'power' en amplitude demonstreert.
Paard: mede één van de minst gemakkellijke toestellen binnen AGH. Op het paard (een soort smalle plint op 1,15 meter van de grond of 1,05m vanaf de bovenzijde van de mat) staan twee bogen of beugels waarop de gymnast allerlei bewegingen kan uitvoeren. Een moderne paardoefening bestaat uit een opeenvolging van allerlei kreitsen, dwars of evenwijdig met het paard, op 1 boog of 2 bogen, doorspekt met schaarbewegingen en afgewisseld met draaibewegingen.
Ringen: de houten ringen waaraan de gymnast turnt, hangen 2,60 meter boven de landingsmat en zijn met staaldraad bevestigd aan een ijzeren kaderstructuur. Dit toestel vergt een enorme kracht en beheersing. De turner toont een aaneenschakeling van heel moeilijke krachtdelen zoals boven- en onderplank en (omgekeerde) kruishang, afgewisseld met zwaai-elementen waaronder de voor- en achterwaartse reuzenzwaai. Op het einde van de oefening volgt er dan een indrukwekkende afsprong waarbij beide voeten mooi op de mat moeten landen.
Sprong: na een aanloop van maximum 25 meter maakt de gymnast een explosieve sprong over de Pegasus, een veilig springtoestel met een hoogte van 1,35m gemeten van de vloer. Als hij erin slaagt tijdens de aanloop voldoende kracht en energie op te bouwen kan hij na zijn afstoot, eerste vlucht- en steunfase voldoende hoogte maken om meervoudige salto's en schroeven te maken tot hij weer tussen twee lijnen op beide voeten landt.
Brug: een buitengewoon veelzijdig toestel. De gymnast kan hangen, steunen, ja zelfs liggen! Een oefening aan dit toestel met twee houten leggers bestaat uit een aaneenschakeling van langzwaaien, steunzwaaien, handstanden en delen op de onderarmen die als het ware in elkaar overvloeien. De officiële hoogte van de brug bedraagt 1,80 meter gemeten vanaf de bovenzijde van de mat of 2,00 meter vanaf de vloer. De breedte van de leggers kan aangepast worden aan de breedte van de gymnast ;-)
Rek: het lievelingstoestel van veel gymnasten en tevens voor het publiek het spectaculairste toestel. Turnen in zijn puurste vorm aan een horizontale rekstok, op een hoogte van 2,60 meter boven de landingsmat, waaraan de turner machtige reuzenzwaaien, spectaculaire vluchtelementen en ingewikkelde greepwissels kan uitvoeren. Als de gymnast dan nog in staat is om te eindigen met een torenhoge afsprong is het hek helemaal van de dam!